Artikel 23 Bijzondere organisaties

1. Bijzondere organisaties van de vereniging kunnen zijn: het Wetenschappelijk Instituut en andere bijzondere organisaties. De bijzondere organisaties dienen een bij notariële akte opgerichte rechtspersoon te zijn.

2. De samenstelling, organisatie en werkwijze van bijzondere organisaties worden geregeld in door deze bijzondere organisaties vastgestelde statuten en eventuele reglementen.

3. De bijzondere organisaties kunnen financieel worden ondersteund vanuit de vereniging. Deze ondersteuning vindt plaats op basis van een vast te stellen deel van de contributie.

4. Om aanspraak te kunnen maken op de in het eerste lid genoemde financiële ondersteuning, dienen de bijzondere organisaties tijdig hun jaarverslag, de balans, de rekening van baten en lasten en de begroting voor het komende jaar bij het bestuur in.

5. Het Wetenschappelijk Instituut is belast met de uitvoering van alle taken ter verwezenlijking van het doel, omschreven in zijn statuten op basis van het doel van de vereniging en in aansluiting op het verenigingsprogramma.

6. De vereniging kan een jongerenorganisatie oprichten die is belast met alle taken ter verwezenlijking van het doel omschreven in haar statuten gericht op jongeren.

7. Het bestuur van de vereniging is bevoegd om in het bijzonder organisaties als voormeld of andere bijzondere organisaties die de doelen van de vereniging kunnen dienen op te (doen) richten.