Artikel 19 Afdelingen

Gemeentelijke afdeling
1. Leden woonachtig binnen de grenzen van een gemeente, vormen tezamen een gemeentelijke afdeling. Een afdeling telt ten minste vijftig (50) leden om voor erkenning in aanmerking te komen.

2. Indien in een gemeente geen afdeling (meer) bestaat, wijst het bestuur van de betreffende provinciale afdeling, in overleg met het bestuur, aan onder welke nabij gevestigde afdeling de leden in die gemeente vallen.

3. De in het eerste lid bedoelde leden hebben voor de behandeling van landelijke en/of provinciale aangelegenheden toegang tot de vergaderingen van de gemeentelijke afdeling waar zij onder vallen. Zij hebben verder dezelfde rechten als de oorspronkelijk tot de gemeentelijke afdeling behorende leden. 

Provinciale afdeling
4. Leden woonachtig binnen de grenzen van een provincie, vormen tezamen een provinciale afdeling. Een afdeling telt ten minste tweehonderdvijftig (250) leden om voor erkenning in aanmerking te komen.

5 Indien in een gemeente geen afdeling (meer) bestaat, wijst het bestuur van de betreffende provinciale afdeling, in overleg met het bestuur, aan onder welke nabij gevestigde afdeling de leden in die gemeente vallen.

6. Iedere gemeentelijke en provinciale afdeling heeft een afdelingsbestuur, het afdelingsbestuur is belast met het besturen van de afdeling; de leden van de afdeling kiezen uit hu midden het afdelingsbestuur, welk bestaat uit ten minste twee leden waaronder een voorzitter en een secretaris.

7. Het bestuur van de vereniging kan aan een afdelingsbestuur een coördinator toevoegen, dit kan een lid van de vereniging van buiten de afdeling zijn. Indien een afdeling uit haar midden geen bestuur van tenminste twee personen heeft gekozen voorziet het bestuur van de vereniging in een afdelingsbestuur waarbij ook leden van buiten de afdeling benoemd kunnen worden.

8. Het bestuur van de afdeling organiseert binnen de afdeling activiteiten gericht op binding van de leden, scholingsactiviteiten, lezingen, excursies en deelname aan politieke (verkiezings-) campagnes.

9. Het bestuur heeft de bevoegdheid een afdeling geheel of gedeeltelijk haar rechten te ontnemen, indien de afdeling deze statuten, enig reglement of besluit van het bestuur overtreedt of de afdeling de vereniging op andere wijze onredelijk benadeelt.